‘Jos Versteegen keert terug naar het land van zijn jeugd. Een ode op het leven op een kleine boerderij, een ode op een wereld die niet meer bestaat. Nostalgie is een gevaarlijke verleidster. Deze dichter laat zich niet inpalmen. Maar je bespeurt geen neiging de dingen mooier te maken dan ze zijn. Hij schetst een idylle, maar vergeet de wrede kleuren niet.’ Wegener Dagbladen
‘Een prachtbundel over een thuis dat er niet meer is. [...] Nergens zwelgen in nostalgie, maar trachten vast te houden wat je niet wilt kwijtraken.’ De Limburger
‘Nergens beschrijft Versteegen een spoortje emotie: in afgewogen bewoordingen cirkelt hij rond het drama van verlies, zonder dat het voor de hand liggend of pathetisch wordt. Gevoelens wordt niet rechtstreeks beschreven, maar opgeroepen door de aaneenschakeling van details en observaties. Daar is vakmanschap voor nodig, alsook het vermogen af te dalen in eigen herinneringen en die zodanig te beschrijven dat ze tot leven komen. Die kwaliteiten worden verenigd in deze subtiele en bij vlagen zeer ontroerende bundel.’ Victor Schiferli, Het Parool
‘Versteegen is een realistisch schilder, geen karikaturen, geen hyperrealisme, alleen deze kalm ademende Welt vond Gestern. Zijn gedichten zijn een beetje de korenbloemen van de Nederlandse poëzie. Herkenbaar, met een helder oog voor het juiste detail, schrijft hij aan een landelijk epos. [...] Goed voor weemoedige terugblikken, dromen van vroeger en ook niet veel meer. Maar wat is daar eigenlijk op tegen als het, zoals bij Versteegen, maar goed gedaan is.’ Rob Schouten, Vrij Nederland
‘Een wereld oproepen die er niet meer is, die bijna tastbaar maken met woorden en beelden, dat is wat Jos Versteegen doet in zijn nieuwe dichtbundel Zijn overhemden op jouw huid. […] Ondanks het onderwerp – vergankelijkheid – is de poëzie van Jos Versteegen beslist niet sentimenteel. Vakkundig houdt hij afstand – van verwanten, ouderlijk huis, herinneringen – om pas in de laatste strofe toe te slaan. In “Op je hurken, luisterend”: “de droge regen hoor je niet:/ waar opa vroeger liep, en oma/ valt stof in uitgesleten paadjes”. Mooi.’ De Telegraaf